Verwijdering hypofysetumor Van opname tot en met ontslag Bij u is de diagnose hypofysetumor gesteld. In overleg met uw behandelend arts heeft u besloten tot een operatie aan deze hypofysetumor. U wordt binnenkort opgenomen voor deze operatie. Deze folder geeft u aanvullende informatie over de opname, de operatie, de betrokken afdelingen en het herstel daarna. Als u na het lezen van deze folder nog vragen heeft, stel deze gerust tijdens de opname aan uw behandelend arts of de verpleegkundige. Opname Neurochirurgie U verblijft gedurende deze opname op de afdeling Neurochirurgie. De opname duurt ongeveer 5 tot 8 dagen. Op de opnamedag wordt u verwacht op de verpleegafdeling Neurochirurgie (route 921). De co-assistent of physician assistant zal een opnamegesprek met u voeren en bij u lichamelijk en neurologisch onderzoek verrichten. Ook zal de verpleegkundige een opnamegesprek met u voeren en uitleg geven over het verloop van de opname. Er wordt bij u de temperatuur, hartslag, bloeddruk, lengte en gewicht opgenomen en bloed afgenomen. Indien nodig wordt er een hartfilmpje (ECG) gemaakt. Op deze dag komen verder nog de afdelingsarts, de neurochirurg en de endocrinoloog en/of verpleegkundig consulent endocrinologie bij u langs. Zij bespreken nogmaals de procedure en er is gelegenheid om vragen te stellen. Indien daartoe aanleiding bestaat, komt de anesthesioloog nog bij u langs. De volgende dag wordt u geopereerd aan de hypofysetumor. Voor de operatie krijgt u enkele medicijnen voorgeschreven door de anesthesioloog. Deze avond start u met Nadroparine injecties ter preventie van trombose (bloedstolsels). De endocrinoloog schrijft een medicijnschema voor, het zogenaamde glucocortico´den stress schema. .Glucocortico´den stress schema: De hypofyse maakt het hormoon ACTH aan en stimuleert de bijnier tot het maken van cortisol, de zogenaamde hypofyse-bijnieras. Het hormoon cortisol heeft als functie het opvangen van lichamelijke stress (bijvoorbeeld bij infecties en chirurgische ingrepen) en psychische stress. Omdat u geopereerd wordt in dit gebied bestaat de mogelijkheid dat deze as tijdelijk of definitief uitvalt waardoor u zelf onvoldoende of geen cortisol meer aanmaakt. Om dit te ondervangen wordt op de dag van operatie gestart met Prednison. Prednison is een vervanging van het bijnierschorshormoon cortisol. Dag van de operatie Dit is dag 0 van de totale opname. Circa 1 uur voor start van de operatie krijgt u de, door de anesthesioloog voorgeschreven, pijnmedicatie en een slaaptablet als voorbereiding op de narcose. Vanwege de werking van deze slaaptablet vragen wij u na het innemen van deze tablet in bed te blijven. U start met het glucocortico´den stress schema. Dit wordt u toegediend via het infuus tijdens de inleiding van de narcose. De operatie gebeurt via de transspheno´dale techniek of via een trepanatie. . Transspheno´dale techniek Bij 90% van de patiŰnten wordt de operatie via de transspheno´dale operatietechniek uitgevoerd. Dit wil zeggen dat via een neusgat een kijkbuis naar binnen wordt gebracht (endoscoop). De neurochirurg zal via het andere neusgat de hypofysetumor benaderen en verwijderen. Er wordt via de neus geopereerd omdat de hypofyse in de schedel vlak achter de neusbrug ligt. De operatie wordt uitgevoerd door de neurochirurg (eventueel in samenwerking met de keel-, neus-, en oorarts). De operatie duurt ongeveer 1 tot 1,5 uur. Na de operatie gaat u naar de verkoeverkamer (de uitslaapkamer). Als u goed wakker bent en er geen complicaties zijn opgetreden gaat u terug naar de afdeling Neurochirurgie. . Trepanatie Bij 10% van de patiŰnten zal de operatie via een trepanatie plaatsvinden. Dat wil zeggen dat de neurochirurg een luikje in de schedel maakt en op die manier de hypofysetumor benadert en verwijdert. Deze operatie duurt 3 tot 3,5 uur. Na de operatie gaat u naar de Intensive Care. Hier verblijft u tot de volgende ochtend voor extra observatie. Indien er geen complicaties zijn opgetreden gaat u terug naar de afdeling Neurochirurgie. Tijdens de operatie krijgt u een infuus ingebracht voor het toedienen van medicijnen en vocht. U krijgt een blaascatheter om inzicht te hebben hoeveel u plast. Deze wordt, bij geen complicaties, de 1e dag na de operatie verwijderd. Als u na de operatie terug komt op de afdeling Neurochirurgie, krijgt u regelmatig controles zoals meting van de temperatuur, controleren van de hartfrequentie, de bloeddruk en de pupilreflexen. Tevens controleert de verpleegkundige of er geen hersenvocht uit uw neus lekt (liquor lekkage) of bloed. Al het vocht wat u binnen krijgt (per infuus en met drinken) en uitplast wordt genoteerd, dit is de hypofysebalans. Er wordt dagelijks bloed bij u afgenomen en uw urine wordt verzameld om te beoordelen of u niet teveel of te weinig plast (diabetes insipidus). Zodra u weer uit bed mag, wordt u ook dagelijks gewogen om uw vochtbalans te observeren. U krijgt medicijnen tegen de pijn die kan ontstaan door de operatie of tegen de misselijkheid van de narcose. Complicaties In de periode na de operatie kunnen de volgende complicaties optreden: . Liquor lekkage Tijdens en na de operatie kan liquorlekkage ontstaan. Liquor, ook wel hersenvocht genoemd, is een waterige vloeistof die de hersenen en ruggemerg beschermt. Liquorlekkage treedt bij ongeveer 20% van de patiŰnten tijdens de operatie op. Indien dit tijdens de operatie gebeurt, dan haalt de neurochirurg een klein stukje onderhuids vetweefsel weg bij de navel of het bovenbeen en gebruikt dit dan, met een beetje lijm, om de liquorlekkage te dichten(vetplastiek). Men probeert het vetweefsel altijd op een zo min mogelijk zichtbare plaats weg te nemen. De neurochirurg plaatst een spinaalcatheter(drain), middels een ruggenprik. Na het plaatsen van de drain loopt het hersenvocht af en neemt de druk van het hersenvocht bij de operatiewond (ter hoogte van de neus) af. U moet in dat geval een aantal dagen platte bedrust houden zodat de operatiewond kan herstellen. Hierbij mag u niet overeind komen, ook niet om te eten of voor de toiletgang. De neurochirurg bepaalt hoeveel dagen u deze platte bedrust dient te houden. Dit kan varieren van 3 tot 7 dagen. Na de operatie kan liquorlekkage nog optreden bij minder dan 5 % van de patiŰnten. Als er hersenvocht uit uw neus lekt, kunt u een metaalsmaak in de mond krijgen. Vocht verliezen uit de neus moet u altijd aan de verpleegkundige en/of afdelingsarts melden. Meestal is het spoelvloeistof die gebruikt is tijdens de operatie. Mocht deze complicatie toch optreden dan kan de afdelingsarts / neurochirurg alsnog besluiten om een drain te plaatsen via een ruggenprik (spinaalcatheter). . Diabetes insipidus De hormoonafgifte door de hypofyse achterkwab kan (tijdelijk) gestoord zijn, waaronder het antidiuretisch hormoon (ADH). Het concentrerend vermogen van de nieren kan hierdoor afnemen waardoor u de eerste dagen veel moet plassen. Deze ontregeling (diabetes insipidus) is in een groot aantal van de gevallen tijdelijk (de eerste drie dagen) en kan spontaan herstellen. Soms is deze ook definitief. Diabetes insipidus kan behandeld worden met medicijnen. . Neusbloeding Omdat u geopereerd bent via de neus kunt u bloed verliezen via de neus. Als er sprake is van veel bloedverlies krijgt u een neustampon ingebracht. Deze blijft dan circa 3 dagen zitten, waarna deze verwijderd wordt. Na de operatie U wordt dagelijks bezocht door de physician assistent neurochirurgie en de endocrinoloog (in opleiding). Als er geen complicaties zijn, mag u de dag na de operatie voorzichtig beginnen met mobiliseren. De 2e dag na de operatie mag u weer douchen. Het glucocortico´den stress schema wordt langzaam afgebouwd. Indien u voldoende beweegt zullen de injecties met nadroparine gestopt worden. De pijnmedicatie mag u blijven gebruiken op geleide van de pijn. Vanaf de 3e dag na de operatie wordt de kans op chirurgische complicaties steeds kleiner. Als er geen complicaties zijn opgetreden zal er met u worden gesproken over het naderende ontslag met de daarbij behorende instructies. Indien er wel complicaties zijn opgetreden, dan kan de opnameduur verlengd worden. De duur van de verlenging is afhankelijk van de complicatie en het tijdstip waarop deze optreedt. In die tijd wordt u geobserveerd en behandeld voor uw complicaties. Indien deze niet zijn opgetreden dan mag u ongeveer dag 5 na de operatie met ontslag. U krijgt een recept voor hydrocortison. Dit medicijn is een glucocorticostero´d wat uw lichaamseigen cortisol vervangt. Dit kunt u (laten) halen bij de apotheek voor ontslag. Voor opname heeft u informatie ontvangen over de hypofyse en de periode na de ingreep. Dit zal nogmaals met u worden doorgesproken in het ontslaggesprek een dag voor ontslag. U krijgt de gelegenheid om uw vragen te bespreken met de endocrinoloog (in opleiding) en de verpleegkundig consulent endocrinologie. Op de dag voor ontslag is het glucocortico´den stress schema geheel afgebouwd en krijgt u geen prednison meer. Uw bijnier moet zelf glucocortico´den(cortisol) gaan aanmaken. Soms heeft de bijnier hier moeite mee of is de aansturing vanuit de hypofyse onvoldoende of niet meer aanwezig. U kunt dan een of meerdere van de volgende klachten ervaren: algeheel niet lekker voelen, misselijk, braken, diarree, duizeligheid. Indien u zich niet lekker voelt, meldt dit dan bij de verpleegkundige en/of afdelingsarts. Ontslag Om te beoordelen hoe het met de hypofysefunctie is na de operatie krijgt u een uitgebreid bloedonderzoek (de zogenaamde endo-prik) op de ochtend van ontslag. Voor deze bloedafname mag u de avond voor de bloedafname vanaf 24 uur niet meer eten of drinken. Water is wel toegestaan. U wordt nuchter geprikt. Na de bloedafname mag u weer eten en drinken en zal uw ochtendmedicatie verstrekt worden. De belangrijkste bepaling bij het bloedonderzoek is die van het cortisolgehalte in het bloed. Aan de bloedwaarde van cortisol kan gezien worden of de bijnier voldoende gestimuleerd wordt om cortisol aan te maken. Voordat u naar huis gaat krijgt u van de verpleegkundige 30 mg hydrocortison en deze neemt u in. Hiermee heeft u voldoende cortisol in uw lichaam voor 24 uur. Tussen 17 uur en 19 uur wordt u thuis opgebeld door de endocrinoloog(in opleiding) over de uitslag van het bloed met betrekking tot het cortisolgehalte. Tijdens dit telefonisch gesprek wordt u verteld of u door moet gaan met het gebruik van de hydrocortison en hoe de tabletten te doseren. Verdere afspraken over uw medicijnen worden gemaakt tijdens het polikliniekbezoek. Indien alle afspraken geregeld zijn, het ontslaggesprek afgerond is, de bloedafname heeft plaatsgevonden en u de tabletten hydrocortison heeft ingenomen kunt u met ontslag. Uitslag weefselonderzoek (PA-uitslag) Tijdens de neurochirurgische ingreep stuurt de neurochirurg het weefsel uit de hypofyse naar de afdeling Pathologie voor nader onderzoek. De uitslag van dit onderzoek duurt 7 tot 10 werkdagen en is meestal bekend bij het volgende polikliniekbezoek. Polikliniekbezoek Polikliniek Endocriene Ziekten Een week na ontslag komt u voor controle op de polikliniek Endocriene Ziekten (post Groen, route 433). Tijdens dit polikliniekbezoek wordt gekeken hoe het met u gaat en worden er eventueel nieuwe afspraken gemaakt over uw medicijnen. Tevens worden de resultaten van de endo-prik met u doorgenomen. PatiŰnten, die elders al onder behandeling zijn van een endocrinoloog gaan hierna meestal weer terug naar de endocrinoloog van het verwijzend ziekenhuis voor het verdere vervolg. Polikliniek Neurochirurgie Na 6 weken komt u op controle bij de neurochirurg op de polikliniek Neurochirurgie (Route 943). Hier worden alle technische aspecten van de operatie met u besproken en hoort u de definitieve PA uitslag. Na 3 - 4 maanden wordt er meestal een nieuwe MRI-scan van de hypofyse gemaakt om te kijken of de tumor helemaal weg is. Eventueel vraagt de neurochirurg ter controle een oogheelkundig onderzoek aan. Contact opnemen in de thuissituatie Bij het optreden van de volgende klachten / symptomen dient u onmiddellijk contact op te nemen met uw behandelend arts. Neurochirurg: . Vocht lekkend uit de neus met een metaalsmaak in de mond . Slechter zien . Ernstige hoofdpijn Endocrinoloog: . Koorts . Braken of diarree . Veelvuldig plassen Ook indien u nog vragen heeft dan kunt u altijd gebruik maken van de telefoonnummers vermeld op de achterzijde van de folder. Bewaar deze goed. Leefregels voor thuis . De eerste 3 weken na de operatie dient u het snuiten van de neus te vermijden en zoveel mogelijk alleen de neus af te vegen. Dit geldt ook voor het hoesten en niezen. Neuspeuteren wordt afgeraden. Dit om neusbloedingen te voorkomen. ? Wanneer u gebruik maakt van een apneu apparaat dient u deze tenminste tot aan uw polikliniekbezoek aan de neurochirurg niet te gebruiken. Het herstarten van het apneu apparaat kunt u tijdens uw bezoek overleggen. . Duiksport met masker en luchtflessen is in de eerste 6 maanden na de operatie niet toegestaan. . Gewoon onderwater zwemmen is wel toegestaan. . Drukschommelingen door bijvoorbeeld vliegen of drukverschillen in de bergen zijn geen probleem. Tot slot Deze folder geeft algemene informatie. Als u nog vragen of opmerkingen heeft, stelt u deze dan gerust aan uw behandelend arts of de verpleegkundige. Wij wensen u een voorspoedig herstel. Aanvullende informatie PatiŰntenfolders: . Hypofyse . Diabetes Insipidus . Hypofysaire substitutietherapie Uitgegeven door de Hypofysestichting. Websites: . www.hypofyse.nl . www.neurochirurgie-nijmegen.nl . www.medischestartpagina.nl . www.ziekenhuis.nl Attentie: Informatie verkregen via internet biedt niet altijd de gewenste kwaliteit. Neem bij twijfel of vragen over eventueel verkregen informatie contact op met uw behandelend arts en/of verpleegkundige. Adres: Polikliniek Neurochirurgie: route 943 Voor afspraken 024 - 3616600 Voor vragen over opname 024 - 3613477 Verpleegafdeling Neurochirurgie: route 921 024-3615010 of 024-3615011 Ingang bezoekadres: UMC St Radboud Oost Reinier Postlaan 4 Nijmegen Buiten kantooruren is de dienstdoende neurochirurg te bereiken via verpleegafdeling Neurochirurgie: 024-3611111 en daar vragen naar de dienstdoende neurochirurg. Polikliniek Endocriene Ziekten: post geel/ groen, route 433 Tijdens kantooruren: Voor afspraken 024 - 3616501 Voor vragen 024 - 3614599 Buiten kantooruren is de dienstdoende endocrinoloog te bereiken via: Verpleegafdeling Medische Oncologie/ Algemene Interne/ Endocrinologie 024-3618995 Ingang bezoekadres polikliniek Endocriene ziekten UMC St Radboud centraal Geert Grooteplein 8 Nijmegen 05-2006-6063 ę UMC St Radboud overname van (gedeelten uit) deze tekst is uitsluitend mogelijk na schriftelijke toestemming van Staf Concerncommunicatie WWW.UMCN.NL